IN HET ARREST VAN HET PACHTHOF VAN 26 MAART 2019 IS BEPAALD DAT DE FOSFAATRECHTEN VAN DE PACHTER ZIJN. MAAR HET PACHTHOF OORDEELDE OOK DAT DE VERPACHTER AANSPRAAK KAN MAKEN, ALS ER TUSSEN VERPACHTER EN PACHTER OP 2 JULI 2015 EEN REGULIERE OF GELIBERALISEERDE OVEREENKOMST BESTOND VOOR 12 JAAR OF LANGER EN VOOR TENMINSTE 15 HA. DIT ARTIKEL GAAT VOORAL IN OP DE 15 HA.

ACHTERGROND
De landgoedeigenaar sloot in 1991 met de pachter een pachtovereenkomst voor bijna 18 ha los land. In 2000 zijn daarvoor in de plaats twee nieuwe pachtovereenkomsten gesloten voor hetzelfde areaal. Een pachtovereenkomst omvat 7,8 ha, met nu een BV als verpachter. Dit is het deel van het totale areaal van het landgoed dat de landgoedeigenaar vanaf 2000 onder de Natuurschoonwet (NSW) had gerangschikt en in eigendom had overgedragen aan een BV. Na het overlijden van de eigenaar in 2016 heeft de nieuwe landgoedeigenaar (de erfgenaam) het andere deel van 10.2 ha in de andere nieuwe overeenkomst aan deze pachter verpacht. De erfgenaam heeft deze pachtovereenkomst voortgezet. Deze erfgenaam is ook enig aandeelhouder van voornoemde BV.

De pachter had tot 2014 een melkveehouderij op het landgoed. Daarna is hij in een maatschap gegaan en vervolgens vanaf 2016 in een samenwerking met een andere maatschap. Deze samenwerking heeft ertoe geleid dat de voornoemde BV en de eigenaar ontbinding van beide pachtovereenkomsten hebben gevorderd. In september 2019 zijn de pachtovereenkomsten bij vonnis ontbonden, omdat de pachter de agrarische onderneming niet meer bedrijfsmatig uitoefende.

DE VORDERINGEN
De verpachter stelde drie vorderingen in met betrekking tot fosfaatrechten, het fosfaatreductieplan en het melkquotum met een totaalbedrag van € 196.901. De pachtkamer heeft de aanspraak op fosfaatrechten van de BV en de landgoedeigenaar in eerste aanleg deels
toegewezen en daarbij de arealen van de twee pachtovereenkomsten bij elkaar opgeteld. De BV en de eigenaar kreeg een bedrag van € 38.144,70 toegewezen. Beide partijen waren in hoger beroep gegaan. De BV en de eigenaar hebben de vordering die met het melkquotum was verbonden, ingetrokken. De pachtkamer had de vorderingen van de BV en de eigenaar op het fosfaatreductieplan afgewezen en de twee verpachters wilden dat die vordering alsnog werd toegewezen. De pachter ging in beroep omdat hij geen van de vorderingen accepteerde.

OPTELLEN TWEE PACHTOVEREENKOMSTEN
De BV en de landgoedeigenaar stelden zich op het standpunt dat sprake is van een reguliere pachtovereenkomst van minimaal 15 ha grond, waarbij zij de arealen van de twee pachtovereenkomsten optellen. De rechtvaardiging hiervoor vonden zij in de geschiedenis en samenhang van de pachtverhoudingen. Voorheen verpachtte de voormalige eigenaar beide arealen samen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *